zaterdag 14 januari 2006

Op 10 jaar tijd helft minder slachtoffers bij motards
Motorrijden almaar veiliger ondanks groeiend rijtuigenpark en toename gereden kilometers

In goed tien jaar tijd is het aantal dodelijke en zwaar gewonde motorrijders per 1.000 motoren op onze wegen ruim gehalveerd. Als rekening gehouden wordt met de afgelegde kilometers is dat aantal zelfs met meer dan 67 procent gedaald. De cijfers van het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid is een heuse opsteker voor het Brusselse motorsalon dat nog tot volgend weekend op volle toeren draait.

Om de risicofactor van het motorrijden in beeld te brengen is meer nodig dan alleen de absolute cijfers van verkeersslachtoffers'', zegt Werner De Dobbeleer van het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid (BIVV). ,,Je moet die cijfers in het licht plaatsen van het toegenomen voertuigenpark en van de sterke stijging van het aantal afgelegde kilometers.''

Uit deze vergelijking blijkt dat het aantal verkeersslachtoffers onder de motorrijders sinds 1990 blijft schommelen rond het duizendtal. Intussen is het aantal motorfietsen echter verdrievoudigd naar meer dan 315.000 stuks en rijden de motoren ook driemaal meer kilometers bij elkaar. Bovendien is ook het aantal auto's sterk gegroeid, wat de kans op een ongeval nog doet toenemen. Toch is het aantal doden en zwaar gewonden per 1.000 motoren gedaald van 7,2 in 1990 naar 3,2 in 2002. Het aantal verkeersslachtoffers onder de motorrijders per miljoen afgelegde kilometers bedroeg in 1990 nog 2,9, amper 0,9 in 2002.

Eigen rijbewijs

,,Motorrijder en automobilist brengen geleidelijk meer begrip op voor de sterke en zwakke punten van hun respectievelijke rijtuigen'', weet Stijn Vancuyck van de Federatie van de Automobielnijverheid. ,,Zo gunt de automobilist de motorrijder nu het gemak waarmee hij door de files kan laveren. Technisch zijn de motorfietsen er ook sterk op vooruit gegaan. Banden, ophanging, remmen en frame zorgen voor meer stabiliteit en veiligheid. De motorfiets heeft ook al enkele jaren zijn eigen rijbewijs, waarvoor de kandidaat-motorrijder met specifieke proeven moet bewijzen dat hij over de nodige basisrijvaardigheid beschikt.''

Toch heeft het BIVV ook minder goed nieuws: de motorrijder blijft de meest kwetsbare van alle chauffeurs. Alleen de voetganger moet het in het verkeer nog meer ontgelden. ,,De motorfiets rijdt even snel als de auto, maar mist het beschermende koetswerk'', zegt Werner De Dobbeleer. ,,Door zijn smalle silhouet is de motorrijder ook minder goed zichtbaar in het verkeer. In 70 procent van de ongevallen tussen auto en motor had de automobilist de motorrijder niet of te laat in de gaten. Omgekeerd meende 70 procent van de motorrijders ten onrechte dat de automobilist hem wel gezien had. Bestuurders van auto's zijn zich vaak ook minder goed bewust van het sterkere optrekvermogen van motorfietsen enerzijds, van de grotere moeilijkheden voor hen om een noodstop te doen anderzijds''.

Toch biedt motorrijden heel wat pluspunten. De wendbaarheid en het gemak om de motorfietsen zowel in de stad als elders te stallen hoeven geen betoog. Het verkeersinfarct tijdens de werkzaamheden aan de Antwerpse ring heeft trouwens heel wat automobilisten definitief tot het motorrijden bekeerd. Ook fiscaal is motorrijden een meevaller. Daar waar de kosten voor beroepsgebruik van de auto maximaal voor 75 procent in rekening mogen gebracht worden, is beroepsgebruik van de motorfiets voor de volle 100 procent fiscaal aftrekbaar. Tot thermisch ondergoed en geluiddempende oordopjes inbegrepen. Niet voor niets stelde de Londense burgemeester Ken Livingstone de gemotoriseerde tweewielers vrij van de heffing van tolgeld die hij invoerde om de verkeerschaos in de Britse hoofdstad een halt toe te roepen. Het aantal motorfietsen en scooters is in Londen sterk gestegen, maar de aanvankelijke vrees voor meer ongevallen met motorrijders is ongegrond gebleken. Integendeel, dat aantal is er op drie jaar tijd met 30 procent gedaald.


14/01/2006